BIGTRUCK REPORTAGE
VOORUIT OP DIESEL EN ELEKTRISCH
Diesel voor nu, elektrisch voor later: dat is de mening van MAN. In Duitsland laat het merk zien dat de twee technieken helemaal niet zo ver uit elkaar liggen als je zou denken. Dankzij de modulaire opbouw merkt een chauffeur nauwelijks of hij op diesel of elektrisch rijdt. MAN maakt beide aandrijvingen nog steeds beter.
In de vorige editie van ons magazine schreven we al over Scania, dat journalisten uitnodigde om alvast de nieuwe cabine te bekijken die op de IAA in september onthuld wordt. Zusterbedrijf MAN deed iets soortgelijks. In München gaf het ons een exclusieve preview van de aangepaste cabine met het nieuwe frontje. Hierover mogen we helaas nog niks verklappen, al zijn er al spionagefoto’s verschenen die laten zien hoe de cabine eruit komt te zien.
VEEL NIEUWS
MAN had naast de nieuwe cabine echter nog meer nieuws om te delen. Dit jaar viert het merk feest vanwege het tienjarig bestaan van de TGE, de zware bestelwagen die nog altijd populair is. Ook zijn er tal van kleine aanpassingen gemaakt aan de vrachtwagens. Die zijn lang niet zo zichtbaar als het nieuwe front op de cabine, maar niet minder belangrijk. MAN heeft zichzelf namelijk een duidelijk doel gesteld.



ZUINIGST
“MAN wil de meest efficiënte aandrijflijnen bouwen. Het moeten de zuinigste vrachtwagens van Europa zijn”, aldus Frederik Zohm, lid van de Raad van Bestuur en verantwoordelijk voor de R&D bij het Duitse merk. Hierbij heeft hij het zowel over elektrische als dieselaandrijving. “Diesel is voor vandaag, elektrisch voor morgen. Dankzij onze modulaire opbouw kunnen we de verschillende aandrijflijnen tegelijk verbeteren. Geen enkel ander merk kan dit zo goed als MAN.”
Die modulaire opbouw merken we goed als we instappen om met vrachtwagens van München naar Nürnberg te rijden. In die stad ligt de oorsprong van MAN – de N in de naam verwijst ernaar. We rijden zowel met een TGX met de nieuwe D30 Powerlion dieselmotor als met de elektrische eTGX. In beide gevallen zijn het knalgele 4x2 trekkers voorzien van de grootste cabine. Het valt op in hoe beide vrachtwagens hetzelfde aanvoelen, ondanks de totaal verschillende aandrijving.
STILLE DIESEL
De D30 is de wereldmotor van Traton, die een tijdje geleden werd geïntroduceerd. We kenden de motor al van Scania, waar hij de naam Super kreeg. Het is echter niet zo dat in de MAN een Scania-motor ligt, want de Duitsers bouwen hem zelf in een moderne fabriek in Nürnberg. Het blok wordt dan wel gegoten bij Scania in Södertälje, maar de opbouw gebeurt geheel in Duitsland met eigen componenten.
De dieselmotor is erg efficiënt. Tijdens het rijden op de snelweg blijft het toerental steken bij 850 toeren, waardoor de motor ook nauwelijks hoorbaar is. Het verschil met de elektrische vrachtwagen waar we daarna instappen is slechts klein. Ook deze is erg stil. Omdat beide vrachtwagens exact dezelfde cabine hebben, kunnen we een mooie vergelijking maken. De verschillen tussen het rijden met een diesel en elektrisch zijn klein, is de conclusie die wij moeten trekken.


MEER ELEKTRISCH
De ontwikkeling van de vrachtwagens gaat constant door. Sinds deze zomer is de MAN eTGL leverbaar. Eind dit jaar komt de eTGM erbij, waardoor het merk een compleet aanbod aan elektrische modellen heeft voor elke toepassing. Naast de fabriek waar de D30 dieselmotoren worden gemaakt, staat een hypermoderne fabriek waar de accupakketten geassembleerd worden. Op het terrein in Nürnberg komen diesel en elektrisch zo letterlijk heel dicht bij elkaar.
Dat betekent dat er nauwelijks onderdelen worden geproduceerd, maar dat de motoren en accupakketten in elkaar worden gezet. In de beide fabrieken gebeurt veel werk met robots. De accufabriek is het meest futuristisch, met automatisch rijdende karretjes die van werkstation naar werkstation rijden. Hier worden nu 50.000 accupakketten per jaar gemaakt, maar er is ruimte voor het dubbele.
EIGEN STEMPEL
Hoewel de onderdelen dus van externe leveranciers komen, zoals van zusterbedrijf Scania, kan MAN op deze manier wel zijn stempel drukken op het eindresultaat. Zo kan het de meest duurzame dieselmotoren maken en accupakketten die het beste passen bij de modellen van MAN. Het merk koos er bewust voor zijn accufabriek naast de fabriek voor de dieselmotoren te bouwen. De D30 is de laatste nieuwe dieselmotor die MAN ontwikkelt, zo stelt men. Op het fabrieksterrein wordt zo de steeds kleiner wordende rol van diesel opgevangen door de assemblage van accupakketten.



BETERE RIJHULPSYSTEMEN
Een vrachtwagen is echter meer dan zijn aandrijving, blijkt uit de testritten die wij maken met de TGX en eTGX. De rol van de rijhulpsystemen aan boord wordt steeds belangrijker. De systemen bepalen steeds meer hoe fijn een vrachtwagen rijdt. MAN verbetert deze systemen dan ook continu. Zo heeft het zijn EfficientCruise Predictive Cruise Control slimmer gemaakt. Het systeem gebruikt nog meer gegevens om zo beter de snelheid af te stemmen op de weg die voor de vrachtwagen ligt. MAN zegt dat zo een besparing van 4,5 procent gehaald kan worden, met name in de bergen.
Ook andere systemen zoals de Front Detection en de Active Turn Assist zijn verbeterd. Dankzij een nieuwe digitale architectuur werken deze systemen beter samen om kwetsbare weggebruikers te beschermen. Omdat de sensoren meer op elkaar afgestemd zijn, snapt het systeem de omgeving beter en geeft het minder valse waarschuwingen aan de chauffeur. Nieuw is dat de vrachtwagens van MAN nu ook actief remmen bij het afslaan als de chauffeur een weggebruiker over het hoofd ziet.




ONDERDEEL VAN HET GEHEEL
Op het grootste nieuws van MAN, de vernieuwde cabine, moeten we nog even wachten. Deze wordt pas op de IAA onthuld. In München en Nürnberg laat het merk echter zien dat de cabine slechts een onderdeel is van het geheel. Er wordt voortdurend gewerkt aan het verbeteren van alle componenten van de vrachtwagens. Rijhulpsystemen worden slimmer en efficiënter gemaakt, net als de aandrijving. Hierbij maakt het niet uit of de vrachtwagen op diesel of elektrisch rijdt. De chauffeur merkt het verschil toch nauwelijks.


Tekst & video: Maarten van der Westen
Foto’s: MAN / Maarten van der Westen