BIGTRUCK VINTAGE
KLASSIEKE MERCEDES BENZ HEEFT NOG NOOIT VAN APK GEHOORD
Je geeft de energieke Toon van Diepen zeker geen 78 jaar. De man zit nog vol plannen en vandaag is hij onze gastheer in het Noord-Hollandse De Rijp. Toon was in zijn werkzaam leven 43 jaar in dienst als monteur en wagenparkbeheerder bij het transportbedrijf Albert Beets te Wijde Wormer. Daarnaast is hij al 43 jaar lid van de HAV (Historische Automobiel Vereniging), tot voor kort als bestuurslid. Hij draagt dan ook met trots zijn HAV vest, met daarop de nodige onderscheidingen ter ere van zijn jubilea bij de vereniging.
ZOEK EEN HOBBY
Toon heeft, in zijn functie als wagenparkbeheerder, in de loop der jaren heel wat Mercedes-Benz vrachtwagens onder handen genomen. En allemaal in de roodbruine kleur met het witte dak met de kenmerkende punt naar beneden. Daar is ook zijn liefde voor het merk met de ster ontstaan. Toon, toegewijd als hij is, nam zijn werk in figuurlijke zin mee naar huis en op een gegeven moment brak hem dat op. Het was 1980 en Toon raakte overspannen en kwam bij zijn huisarts terecht. In een gesprek werd hem verteld dat hij beter maar een hobby kon zoeken om zich te ontspannen. Tja, toen was de keus niet moeilijk en werd, het laat zich raden, het restaureren van vrachtwagens zijn hobby.

Toon is beretrots op zijn Mercedes trekker
EERSTE PROJECT MERCEDES BENZ L3500
Het begon met het restaureren van een Mercedes Benz L3500 van zijn werkgever, Albert Beets. Niet zomaar één, maar de eerste nieuw gekochte vrachtwagen van het bedrijf. Die stond niet ergens achter op het terrein of zo, maar was na bewezen diensten gesloopt om als onderdelenvoorraad te dienen. Het meeste lag nog op een zolder. Lang verhaal kort, Toon scharrelde alles bij elkaar, wat er niet meer was werd wel ergens anders gevonden en hij bouwde de Mercedes Benz weer helemaal op. De cabine was te slecht om nog te gebruiken, maar omdat er bij Beets niet veel weggegooid werd, kon Toon de cabine van een andere wagen gebruiken. Die was ooit total loss gereden, maar de cabine was nog bruikbaar. De Mercedes werd, net als toen hij in gebruik was, uitgerust met een open laadbak met zijschotten. Toon had hem op tijd klaar voor de viering van het 50-jarig jubileum van het bedrijf op 1 mei 1985. Later heeft Toon er nog een losse kaasbak opgezet, dat is een gesloten carrosserie, die met vier haken aan de laadbak bevestigd werd, als er kaas vervoerd moest worden. Deze bak werd door Toon omgetoverd tot camper en nu kon hij ook met de Mercedes naar meerdaagse evenementen toe. Dit alles speelde zich af over een tiental jaren want, zoals Toon zegt: “Ik wil er geen stress van hebben en wat vandaag niet afkomt komt volgende maand wel af, oftewel, ik bepaal zelf het tempo!"

Zo trof Toon zijn Mercedes Benz aan
100 PK IN DE NEUS, 22 TON OP DE TRAILER
Het was zo, dat er bij Beets met 90 pk en later 100 pk Mercedes vrachtwagens gereden werd en dat ze niet van halve vrachten hielden. 22 ton hout was de regel. De Mercedes trucks kregen het niet cadeau daar. Waar een Mercedes dan wel een - in de ogen van Toon - luizenleventje had, was bij Jo Dekker uit het eveneens Noord-Hollandse Warmenhuizen. Jo Dekker, die achter zijn Mercedes trekker met 135 (SAE) pk ‘slechts’ een DAF pendelas oplegger had hangen en geen tandemas oplegger, zoals bij Beets. Jo Dekker, die altijd vooraan in de file reed, zo zuinig was hij op zijn Mercedes, niks over de toeren jagen, maar heel rustig rijden met de Mercedes. Je raadt het al, dat was de Mercedes Benz L325 trekker, bouwjaar 1956, waar Jo Dekker bijna 20 jaar mee rondreed voordat die van de radar verdween. Toon was op zoek naar een niet afgetrapte auto en deze was natuurlijk het summum voor hem om te restaureren. Het lot had echter anders beslist en bij navraag op een aantal adressen werd voor Toon duidelijk dat hij bij één of ander botenbedrijf terechtgekomen zou zijn en nu voorzien was van een kraan om de boten uit het water te tillen. Toon ging op jacht, als een gedreven speurhond ging hij alle in aanmerking komende bedrijven af, maar ving overal bot. De Mercedes leek van de aardbodem verdwenen. Totdat….

De Mercedes als botentakel
GERED VAN DE SLOOP
Het was in 1993: Toon kwam terug met de Albert Beets Mercedes van een oldtimertreffen en reed samen met wat andere liefhebbers terug naar Noord-Holland. Bij Ilpendam keek Toon naar rechts en wat hij toen zag, deed zijn hart overslaan. Hij zag een vermoeide Mercedes staan, maar herkende daarin direct de verloren gewaande Jo Dekker auto. De trekker stond bij het transportbedrijf Henk van Riessen, die de trekker bij sloperij / autohandel De Vooruitgang in Diemen aangeschaft had om te restaureren. En hij was niet van plan deze af te staan. Maar hij kende Toon toen nog niet, want een week later stond Toon weer op de stoep, vertelde wat de auto voor hem betekende en dat hij hem dolgraag wilde overnemen. Van Riessen bleek toch niet zo onvermurwbaar als Toon eerst dacht en ging overstag. Nog diezelfde middag heeft Toon met een dieplader de trekker opgehaald en ’s maandags op naam gezet en direct geschorst, de RDW meldt het nog steeds als datum tenaamstelling: 25-07-1994.
TRILEX VELGEN VOOR B-WEGEN
Wat opvalt aan de trekker zijn de trilex velgen, die zag je niet vaak. Toon licht dat toe: “Hier in Noord-Holland waren nog veel B-wegen, waarop de maximum breedte beperkt is tot 2.20 meter. Die breedte was niet te bereiken met de gebruikelijke schijfwielen, maar wel met trilex velgen. Anders was het kenteken niet met RN begonnen, maar met RB.” Dat de wagen ruim 30 jaar in restauratie is geweest, maakt Toon niets uit, hij wilde vooral geen restauratie stress hebben en was ook nog steeds aan het werk. In de tussentijd is er nog een aantal auto’s door zijn handen gegaan, zoals de Ford A36 van opa Beets, waar Toon een laadbak voor gebouwd heeft, een Scania 81 en een Volvo F88. De Mercedes wachtte wel, die stond tenslotte droog en at geen brood.

Stoere trilex velgen waren nodig om onder 2.20 meter breedte te blijven

Het oude kentekenbewijs is er nog steeds bij
KOOP GEWOON EEN BOOM
De Mercedes mocht in de werkplaats van Albert Beets onderhanden genomen worden en Toon nam als eerste de cabine onderhanden. “Daar zat het meeste werk aan, want die was kats verrot. Het is een zogenaamde wagenmakers cabine, gemaakt door Paul & Van Weelde uit Nieuwerkerk aan den IJssel. De cabine bestaat uit een houten framewerk, waarover beplating aangebracht is”, legt Toon uit. “Alles moest vernieuwd worden, alleen de vloerplanken waren nog goed. Opa Beets adviseerde om bij de houthandel één boom te kopen, waar alle delen uit gezaagd zouden moeten worden. Want dan heb je gelijke nerf, maar wat belangrijker is, als het uit één boom komt, zullen alle delen dezelfde soort werking vertonen. Een gouden tip, dat was het!”

Restauratie van de cabine

Cabineframe van hout
VENIJN ZIT IN DE STAART
Toon heeft de cabine, sectie voor sectie, vernieuwd. Een stuk uitbouwen, het houten frame namaken en weer terug monteren. Dat vergt geduld en vakmanschap. En als laatste - inmiddels is het dan 2014, 20 jaar na de aankoop - het aanbrengen van de beplating, ook geen sinecure. Toon vertelt: “Je moet weten, dat er voor deze cabines niets meer te koop is, je zult dus alles zelf moeten doen. Zo ook het plaatwerk en aangezien ik het allemaal zelf deed, met eenvoudige middelen, heeft het de nodige tijd gekost. Maar niet te vergeten, het is een hobby, geen aangenomen werk.” Dat het een immense klus is, zeker voor een eenling, is duidelijk. In 2016 is het zover dat de cabine grotendeels klaar is en nu is het chassis aan de beurt. De motor wordt eruit gehaald en het geheel wordt grondig gereinigd, ontroest en gelakt. Door Toon, met de kwast! De motor hoefde alleen maar een beurtje, her en der een slang of pakking, maar is verder niet uit elkaar geweest. Zelfs de brandstofpomp is op zijn plek gebleven. “Wat goed is, daar moet je vanaf blijven.” is het devies. Na het groen spuiten van de motor, kon deze ook weer teruggeplaatst worden en, zou je denken, de restauratie is dan op een oor na gevild. “Het venijn zit ‘m in de staart”, blijkt ook hier. Zo waren de voorspatschermen doorgerot en aan alle kanten gedeukt. Toon zegt: “Nieuwe schermen kopen gaat niet, misschien dat je er in Duitsland nog wel eentje vinden kan, maar dan betaal je daar gegarandeerd de hoofdprijs voor. En aangezien ik alles van mijn normale loon, en later van mijn pensioentje, moest doen, was nieuw kopen geen optie en heb ik de schermen opgeknapt door er stukken in te lassen. Dat is makkelijker gezegd dan gedaan, want alles moet een bepaalde ronding hebben en die heb ik er, centimeter voor centimeter, in zitten kloppen.”



TIJD SPEELT GEEN ROL, GELD WEL!
“Tijd speelt geen rol, geld wel", is de simpele redenatie van Toon. Vandaar ook het lakwerk van de trekker, die helemaal door Toon zelf geschilderd is. Het gaat te ver om alle werken aan de Mercedes te noemen, we noemen nog wel het demonteren van de achteras, waarna de veerpakketten helemaal uit elkaar gehaald zijn, ontroest en ingevet en we noemen nog de voorruit. Toon vertelt verder: “Het ruit zit in een aluminium frame en een rubber, echter moet de ruit er van binnenuit in geplaatst worden. Dat is zeer ongebruikelijk. Ik had de ruit al die jaren weggelegd op zolder en we waren aan de montage toe. Inmiddels hielp mijn kleinzoon Bryan ook volop mee. En ja hoor, we zetten hem er voorzichtig in, het laatste stukje in een hoekje moest nog op zijn plek, dan zou het klaar zijn. En ja hoor: PANG, een grote klap en duizend stukjes glas in de cabine, de ruit was gesprongen en vind er maar eens eentje voor zo’n cabine. Het huilen stond me nader dan het lachen. Als noodoplossing hebben we een perspex vervanging ingezet, waarmee we zelfs de HAV Noord-Holland rit 2025 hebben gereden. Uiteindelijk vond ik ergens toch zo’n ruit en die hebben we er, nu nog voorzichtiger, ingezet.”

De afwijkende achterasconstructie met gescheiden dragend en aan aandrijvend gedeelte

De DAF koppelschotel

De brandstoftank, die 60 jaar op zolder lag te wachten
MERCEDES MET DAF SCHOTEL
Het interieur heeft Toon ook zelf vervangen, inclusief het hemeltje. “De brandstoftank, die onder de Mercedes zat, was een vierkante DAF tank, die kon ik met goed fatsoen er niet onder laten, dat snap je wel. Op zolder bij Beets lag al een jaar of 60 een ronde tank van een schadewagen stof te verzamelen en die mocht ik op mijn auto zetten. Die kwam het dichtst bij een originele Mercedes tank. Alhoewel, vanaf de fabriek kwamen de vrachtwagens met een kleine, vierkante tank van zo’n 100 liter. Daar had je niet zoveel aan. Daarom werden er destijds al grotere tanks gemonteerd, zoals deze”, vertelt Toon. Nog een opmerkelijk detail: de trekker is uitgerust met een DAF schotel. “Jo Dekker had die er op, vanwege zijn DAF pendelas oplegger, toen ik hem overnam lag er niets meer op, maar ik heb toch nog zo’n schotel kunnen bemachtigen. Die hoort er gewoon op, net als het enkel leiding luchtdrukremsysteem, dat werkt met valdruk.”

DE HEILIGE CHRISTOFFEL MAAKT HET CIRKELTJE ROND
In april 2025 was de trekker zover dat die weer naar buiten kon rijden, op eigen kracht dit keer en nog met de perspex voorruit er in. Toon vertelt nog dat zijn kleinzoon Bryan hem, zeker op het laatst, goed geholpen heeft: “Ja, met zo’n jonge kerel erbij, dan maak je ineens meters, heel fijn was dat. Bryan gaat ook trouw met elke toerrit mee, hij ziet het ook als ‘zijn’ auto en gaat nu, na het behalen van zijn personenwagen rijbewijs, ook het vrachtwagenrijbewijs halen, zodat hij er zelf mee kan rijden.” Gelukkig is Bryan jong en sterk, want in vergelijking met modern spul, heb je nogal wat kracht nodig om deze trekker te besturen. Stuurbekrachtiging stond destijds zelfs niet op de optielijst, niets is bekrachtigd, dus sterke armen en benen zijn een vereiste. En gevoel om met de ongesynchroniseerde versnellingsbak te kunnen schakelen. Toon gaat het hem allemaal leren, want de trekker, het levenswerk van Toon, zal in de familie blijven en Bryan wordt de beschermheer van de truck. Hij heeft ook de letters WTB op de deuren geschilderd, de W en de T staan voor zijn beide opa’s, Willem en Toon en de B voor Bryan. Hoe mooi is dit! Toon en Bryan zijn nog met de trekker naar het pand van Jo Dekker gereden, waar hij van Marjan, de dochter van Jo, het Christoffel Plaatje kreeg, dat altijd in de cabine gezeten had. De heilige Christoffel is de beschermheilige voor de reizigers. “Dat paste precies op de twee gaatjes, die in het dashboardkastje zaten, waarmee de cirkel rond was", zegt een blije Toon.



DE LIJST MET EXTRA’S WAS ERG KORT
De Mercedes Benz L325, zoals die op kenteken staat, zou volgens de MB typologie LS325 moeten heten, waarom hij als L325 geregistreerd werd, is niet meer te achterhalen. De trekker is voor het eerst geregistreerd op 29-11-1956 en is dus zo goed als 70 jaar oud. De wielbasis is 3,60 meter en de motor is een zescilinder voorkamer-diesel van het type OM325 en levert 125 DIN pk (135 SAE pk) bij 2200 toeren per minuut, het koppel is 44 kgm, wat overeenkomt met ca. 431 Nm en is gekoppeld aan een ongesynchroniseerde ZF-5 versnellingsbak. Rondom heeft hij stevige veerpakketten, toch is het veercomfort niet slecht, de geluidsproductie van de OM325 daarentegen is niet te missen.

De éénleidings koppelingskop

Dashboardverlichting anno 1956

Toon wijst het heel oude NOB Wegtansportbordje aan, dat hij zo aantrof in het pad naar de garage

Het originele plaatje van carrosseriebouwer Paul en Van Weelde, zie ook de richtingaanwijzer, dat is het enige, samen met die in het achterlicht. Dat kon nog in 1956
IN PRODUCTIE TOT 1957
De 325-serie werd gebouwd van 1954 tot 1957 en was de opvolger van de naoorlogse L5500 serie. De L325 zelf werd opgevolgd door de L329 met 145 pk, die in 1959 (met een ruime overgangsfase), afgelost werd door de bekende Rundhauber serie, die toen zijn intrede deed. De prijslijst vermeldt een bedrag van Hfl 27.550,00 voor een trekker inclusief banden, de uitvoering van 2,20 meter breed moet Hfl 28.150,00 kosten. De prijzen zijn zonder cabine, want een plaatstalen fabrieks cabine kostte nog eens Hfl 2.050,00, maar die werd niet vaak mee besteld. Die cabine blonk namelijk niet uit door zijn ruimte, hij werd dan ook onder de chauffeurs het hondenhok genoemd. Vandaar dat de Nederlandse wagens van die tijd bijna allemaal met een wagenmakers cabine uitgerust werden. Voor een motorrem, een eenvoudige vlinderklep in de uitlaat, waar ook de L325 van Toon mee uitgerust is, moest nog eens Hfl 500,00 afgetikt worden. En dan moest er nog een koppelschotel plus oplegger remsysteem gemonteerd worden en, de enige luxe in deze L325, een kachel. Want vanaf de fabriek was er slechts een schuif onderin de voetenruimte, waarmee warme lucht vanuit de motorruimte binnengelaten kon worden. De herrie en uitlaatgassen kreeg je er gratis bij. Maar Jo Dekker had zich, gezien in het tijdsbeeld, verwend met een goed werkende kachel, waar Toon nu, op zijn beurt, weer blij mee is. Alles is echter heel spartaans, zoals gebruikelijk in de naoorlogse opbouwfase.

De enige luxe aan boord: een goed werkende kachel

Het spartaanse interieur
NOG NOOIT APK GEKEURD
Het is bijzonder, dat deze Mercedes Benz nog nooit voor de APK keuring geweest is. Want toen de APK in 1981 van kracht werd, kwam de trekker al niet meer op de openbare weg en nu hij wél op de openbare weg komt, valt hij in de oldtimervrijstelling, omdat hij ouder is dan 50 jaar. De RDW vermeldt dan ook achter vervaldatum APK: niet geregistreerd.

De LS325 gaat weer de loods in, zijn latere opvolger, de zogenaamde Rundhauber, staat op betere tijden te wachten

De Mercedes staat droog en in gezelschap van een Krupp V8



Tekst en foto’s: Peter Winterswijk